.

.

Import uit Japan

De eerste producten die zijn ingepakt en verscheept na de ramp met de kernreactor in Fukushima - Japan, zijn vorige week de Rotterdamse haven binnengekomen. Het Havenbedrijf Rotterdam heeft in nauwe samenwerking met de nVWA (nieuwe Voedsel- en Warenautoriteit) en de Arbeidsinspectie een protocol opgesteld voor schepen afkomstig uit het rampgebied in Japan en waar mogelijk een risico op radioactieve straling aanwezig zou kunnen zijn. Daarbij zijn heldere afspraken gemaakt dat deze schepen buitengaats worden bemeten op straling, om zo een indicatie te krijgen of het schip veilig is voor de omgeving en veilig is voor de nautische dienstverleners, sjorders en terminal medewerkers. Daarnaast heeft het Havenbedrijf Rotterdam een bericht gestuurd aan de reders/scheepsagenten waarin wordt gewezen op de primaire verantwoordelijkheden van de reder voor het schip.

Voor lading uit Japan bestaande uit levensmiddelen en diervoeders is een Europese Uitvoeringsverordening (nr. 297/2011) van kracht. Deze zendingen dienen minimaal twee dagen voor aankomst in Nederland te worden aangemeld bij de nVWA.

Op de website van de nVWA staat meer informatie, waaronder een Q&A...

Voor overige importproducten uit Japan geldt dat indien lading in de containers uit het risicogebied in Japan afkomstig is, de vervoerders goede afspraken met verladers moeten maken over hoe hiermee om te gaan. Indien vervoerders zeker willen stellen dat hun medewerkers geen risico lopen op radioactieve besmetting, wordt aangeraden om een deskundige in te schakelen die bij het lossen van de container(s) meting verricht op een aantal monsters uit de lading. Deskundigen geven aan dat het eventuele stralingsrisico kan worden veroorzaakt door radioactieve stofdeeltjes op de verpakking of de producten. Bij het lossen tijdens de meting van de monsters uit de lading dienen de medewerkers daarom beschermende kleding en handschoenen te dragen en de normaal gebruikelijke arbeidshygiëne in acht te nemen, zoals handen en gezicht goed wassen en niet eten of drinken tijdens het werk.

Eventuele risico’s kunnen variëren afhankelijk van de herkomst en de lading. Daarom zijn er verschillende meetopties. Bij screening vanaf de buitenkant van de container wordt gemeten langs de deurrubbers, de ventilatieopeningen en aan de onderzijde bij de vloerdelen. Deze meting kan worden aangevuld met een screening van een deel van de lading door meting van enkele stuks in de container. Deze methode is geschikt indien er maar één product van gelijke soort en herkomst in de container zit. Als er meerdere soorten producten in de container zitten en/of als de producten van verschillende herkomst zijn, dan zullen er meer metingen moeten worden uitgevoerd.

Dit artikel is tot stand gekomen met medewerking van Gasvrij Centrale Nederland te Pernis en Deltalinqs te Rotterdam.